Paspoort mee en op naar de CampinaVijver

We gaan op de karpertjes vissen in een commercieel putje zoals ze dat zo mooi zeggen op dinsdag 29 september 2026. En wel bij onze zuiderburen in België achter Turnhout in Dessel.
Piet ia al vroeg bij me en we starten na een bak koffie de engine om half zeven. Dan beginnen Willem mijn buurman op de rijkssstraatweg en Erik met hun spullen op te zetten langs de waterkant. Wij vinden dat veel te vroeg daar kunnen we ons beide in vinden.

Dus zodoende zijn we de laatste die aansluiten vandaag.


WWW




WWW

Zo nu en dan even bellen naar het thuisfront want Renee is herstellende van en zware knie operatie. Die was ontstoken en moet er nu vocht worden afgetapt en zo nu en dan gespoeld worden. Pijnlijk allemaal dus. Piet heeft al vanmorgen de paardjes buiten gezet en vanmiddag komt een vriendin buurten. Zodoende kon die daagje mantelzorger af wezen en lekker van het een Belgisch zonnetje genieten.

Dan maar even bij Peter en Bart gaan kijken en eigenlijk doet ik hetzelfde. Eerst heb ik geprobeerd met de paraplu dobber. Dan want wij zitten precies in de wind met een loodje op de bodem en nu zit ik met die grote bal te vissen. Die heb ik gekregen van Peter een paar jaar geleden hier aan deze plas water. Die heeft die echt voor deze vijver verzonnen om heel, heel ver weg te kunnen werpen. Dat komt goed zegt Peter want je zit op de beste plek van de vijver. Geduld dus.

Als ik dan terug loop vangt Willem net zijn vierde van de dag. We hebben er al beide twee kilo pellets in geschoten bij die dobbers. Achteraf zaten we denk ik te dicht bij te vissen. Een paar meter verder maar dat ging niet vanwege de wind. We krijgen die 6mm pellets niet ver genoeg weg met de katapult. Tussen de bomen door aan de overkant komt er precies de wind door.




Dan uit het niets heel ver weg op de plas net na ingooien is plotseling mijn oranje balletje verdwenen. Niks niet voeren maar gewoon ver heel ver weg smijten met een strakke lijn en afwachten dus. De vis haakt zichzelf op het gewicht van de dobber en de strakke lijn doet de rest. Wat een beuk en dat zelfs met nylon lijn. Daar zit op deze afstand tien meter rek in.




Dan als ik zo ver mogelijk gaat ingooien met een drijvende dobber dat wil zeggen dat mijn pellet dus 56cm onder de waterspiegel hangt krijg ik de aanbeten. Eventjes bewegen is dodelijk. Dan is de dobber vaak plotseling verdwenen met een streep door het wateroppervlak en een strakke lijn als gevolg. Heerlijk die dobbers van Peter en natuurlijk de kennis die die doorgeeft.


Naast ons zit een Belg die vist met zo’n rodpot en zware hengels en dito molens. We zien hem een vis vangen maar dat is takelen vergeleken met die flexibele pelletswagglers die voor dit werk zijn gemaakt. Heerlijk die stoten opvangen en die runs pareren. Gillende slip zo af en toe en dan maar weer die lijn innemen die je net bent verloren. Fantastische visserij.

De vorige vis zou ik noot verspelen de weerhaakloze haak zit in het harde gedeelte van de lip. Die moet ik losmaken met zo’n chirurgen tangetje van Piet. Die heeft zo zijn connecties en die zijn natuurlijk perfect aan de waterkant. Die roesten niet kan ik je mededelen. Maar meestal beschadigt je de knoop dan zeg ik nog tegen mijn buurman en ik trek er nog eens extra hard aan. Maar toch verlies ik dus de volgende vis in dat geweld onder water. Zo mis ik er nog wel een paar de dobber duikt onder maar er wordt niets gehaakt. Meestal zit dan mijn lijn niet goed onder de dobber. Die is dan in de war geraakt met inwerpen en zit verkeerd.




Maar dan eindelijk krijg Piet naast me een verschrikkelijke run. Die is weer terug gegaan op de bodem vissen. Er moet genoeg voer en pellets liggen denken we zo. Na heel de dag schieten en voeren. En jawel hoor die is wel even bezig met drillen. Want het is een fantastische vis. Wat een schub karper is dat dan dik in de 80cm. Een kasteel is met zo’n dikke rug. Fantastische vis. Zelfs de locals komen forto’s maken.


En dan even later gaat weer de molen van Piet af. En nu is bijna na de eerste run de spoel leeg. Maar flink afremmen dan maar. wat een run was dat dan. Van een dertig meter uit onze kant helemaal naar de overkant. En het is weer een dikke tachtiger. Piet zijn dag kan niet meer stuk. Wat een geweld was dat weer.

We gaan opruimen. De groep valt uit elkaar ze hebben allemaal nog wat te doen. Wij kijken elkaar aan en in en patatzaak hebben we geen zin. Laten we een chauffeurs café opzoeken waar we het op de heen reis over hadden en dat gaan we doen om de dag af te sluiten. Mar hoe dichter we bij de randstad komen wordt het ook drukker. We kunnen ook bij de beer in Geervliet een happie doen en een lekkere Texels nemen want dan zijn we bijna thuis. Das een goed idee en zo gezegt zo gedaan.

Maar aangekomen is het me daar druk en we zitten al een half uurtje te verdorsten. En we hebben trek in een biertje ongelooflijk. Ik heb hier geen zin in zegt Piet dan en gelijk heeft die. Ik heb me nog ingehouden na drie keer de ober voorbij te zien lopen. We stappen op maar wat dan. We rijden Hellevoet binnen en dan heeft Piet trek in broodje shoarma. Ook goed inmiddels. Maar dan lopen we langs de Argentijn en daar zijn we dan hemaal thuis. Leuke bediening niet op hun mondje gevallen helemaal goed. Lekker koud Texels uit de tap en dus heerlijk gegeten. Helemaal top zo’n afsluiting.

Ik moet Piet nog even los trekken bij de balie als die gaat betalen en dat zegt meer dan duizend woorden. Wat een gezellige dag was dit weer.




